Tijdens elke instuifwedstrijd is het weer spannend wanneer er gelopen gaat worden. Een instuifwedstrijd betekent dat je tot aan enkele minuten voor de start van het desbetreffende onderdeel je nog in kunt schrijven. Voor de organisatie heeft dit de nodige consequenties. Hoeveel deelnemers komen er deze avond? Op welk onderdeel gaan ze de strijd aan? Is dit voldoende in het wedstrijdschema opgenomen? Zijn er voldoende vrijwilligers?
Stel je eens voor. Onverwachts stijgt de temeratuur binnen enkele dagen naar zo’n 25 graden. Dan sta je toch gek de kijken als een grote meute kleine snelheidsduiveltjes de kantine in komt stuiven met de vraag om een ijsje. Deze avond is het wat killetjes, dus een extra besteling aan ijs en drank is niet nodig.
Het is ondertussen vrijdagavond kwart over tien. Vanwege technische problemen met de electronische tijdswaarneming zijn de sprintnummers uitgelopen. Ja, dat kan je als organisatie natuurlijk ook nog gebeuren. Heb je aan alles gedacht werkt het technische apparaat gewoonweg niet. Daar sta je dan in je hardloopoutfit. Op en top warm na anderhalf uur op-en-neer-dribbelen langs de baan. Naast me staat een dame met haar hondje in haar handen. "De hond schrikt elke keer van het startschot" Ondanks de angst van haar hond blijft ze vastberaden bij de finishstreep staan. "De finish is toch het mooiste van de hele wedstrijd". Als ik verder loop voel ik de spanning stijgen.
